rouwverwerking

De deur op slot voor coronatest

By 2 november 2020 Been realties

We lopen gedrieën door de Hema. Mijn dochter, mijn moeder en ik. Nou ja lopen, mijn dochter duwt slenterend de rolstoel met daarin haar oma en ik duik in de rekken nachtkleding om het assortiment van mijn moeder aan te vullen. We zijn net naar de markt geweest, het weer is prachtig en de sfeer gemoedelijk. Mijn telefoon gaat: iemand van het huis waar mijn dementerende oudste broer woont. Hij heeft het syndroom van Down en als zijn mentor word ik het eerst gebeld als er iets is. Ik merk dat ik altijd een beetje paniekerig reageer als ze bellen. Er zal toch niets aan de hand zijn…

Eigenlijk is er ook niets aan de hand, welbeschouwd. Marion, die werkt in het huis van mijn broer vertelt dat hij een coronatest moet ondergaan maar hij wil niet. Ik snap dat wel. Als je die beelden soms ziet denk ik ook, laat maar zitten. Maar hij heeft verkoudheidsklachten en in zijn huis zijn twee medebewoners positief getest, dus hij komt er niet onderuit. Of ik niet even tegen hem aan wil praten, zodat hij toch de test kan ondergaan.

Midden in de Hema, tussen de pyjamabroeken en nachtponnen, doe ik mijn uiterste best mijn broer te overtuigen. Maar dan bedenk ik dat natuurlijk niemand dat beter kan dan mijn moeder, die notabene naast me zit in haar rolstoel. Mijn moeders blik verzacht onmiddellijk zodra ze de verdrietige stem van haar oudste hoort. En dan zegt ze: lieverd, hoe gaat het met je? Mijn broer mompelt iets onverstaanbaars en dan klinkt mijn moeders pleidooi: laat je nu maar heel goed testen door de dokter, dan komt het allemaal goed. Zijn antwoord klinkt zo lief dat we alle drie volschieten: oké mam.

Ik neem de telefoon weer over en vraag mijn broer of ik weer even kan praten met Marion. Opgelucht meld ik haar dat mijn moeder hem heeft gesproken en dat het allemaal geregeld is. Maar Marion verzucht: dat denk ik niet. Hij heeft nu de deur van zijn kamer op slot gedraaid. Ik schiet in de lach. Maar mijn mogelijkheden lijken uitgeput dus ik wens haar veel succes en vraag of ze me nog even terug wil bellen hoe het is gegaan. Als ik mijn moeder en dochter vertel dat hij de deur op slot heeft gedaan, barstten ook zij lachen uit. ‘Gelukkig is hij nog steeds heel koppig en komt hij voor zichzelf op’, zegt mijn moeder trots.

Op een bankje op de Wheem, met een lekkere koffie to go halen we herinneringen op aan mijn lieve eigenwijze oudste broer. Dan word ik gebeld: de test is toch gedaan en hij wordt nu heerlijk vertroeteld en verwend. Goed zo, dat verdient hij. Nu maar wachten op de uitslag. De afloop van het hele verhaal is spannend. Wat nu, als hij positief getest wordt? We maken ons zorgen: zijn gezondheid is zwak en zijn weerstand laag. En al die beschermpakken om hem heen maken hem alleen maar onrustig en verdrietig.

Een dag later word ik gebeld: de uitslag is negatief.

Goddank.